Op 3 december 2024 hebben de AIVD, het CWI en de TNO een PQC-migratie handboek gepubliceerd, waarin
richtlijnen worden gedefinieerd voor het migreren naar Post-Quantum Cryptography (PQC). De roadmap gebaseerd op deze richtlijnen bestaat uit elf stappen. De eerste stap die in dit handboek beschreven wordt, betreft het uitvoeren van een diagnose omtrent de quantum-kwetsbaarheid van een organisatie, om zo het risico en de urgentie van een dergelijke migratie in kaart te brengen. Voor het bepalen van de urgentie, beschrijft het handboek een drietal PQC-personas, op basis waarvan organisaties zichzelf kunnen categoriseren. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen de volgende drie personas:- Urgente adopters: “Organisaties die gevoelige data verwerken of kritieke of langlevende infrastructuren aanbieden.” "Deze organisaties moeten zo snel mogelijk de eerste stappen op het gebied van de PQC-migratie zetten.”
- Reguliere adopters: “Organisaties die niet beschikken over gevoelige data of vitale infrastructuur (of infrastructuur met een lange levensduur) met een hoog risico op aanvallen.” "Deze organisaties kunnen bijvoorbeeld wel gevoelige data verwerken, maar alleen als het onwaarschijnlijk is dat die data op dit moment worden opgeslagen voor ontsleuteling door een toekomstige quantum computer.”
- Cryptografie-experts: “Organisaties die cryptografische standaarden of infrastructuur verstrekken.” "In tegenstelling tot urgente adopters hebben cryptografie-experts het grootste deel van de benodigde cryptografische kennis voor de PQC-migratie al in huis. Daarnaast zijn ze ook verantwoordelijk voor cryptografische systemen van andere organisaties.”
Een subcategorie van het persona urgente adopters betreft “organisaties die organisatorisch gevoelige informatie met een lange vertrouwelijkheidstermijn verwerken”, waaronder het merendeel van de organisaties binnen de publieke sector. De dreiging wordt veroorzaakt doordat organisatorisch gevoelige informatie geheim dient te blijven om een organisatie te beschermen. Het lekken van dergelijke informatie heeft potentieel directe impact op de organisatie in de vorm van “verlies van kennis of het concurrentievoordeel van een bedrijf, een verminderde staatsveiligheid of een algemene negatieve impact op de economie” (AIVD, CWI & TNO, 2024, p. 22). Hierdoor is het voor organisaties binnen de publieke sector van belang om voorbereid te zijn op Q-day.
Voor het bepalen van het risicoprofiel van een organisatie, wordt door de AIVD, het CWI en de TNO een diagnose vereist in de volgende drie componenten, als onderdeel van de tweede stap van de roadmap:
- Inventaris van alle cryptografische componenten die gebruikt worden in de organisatie;
- Inventaris van alle data die verwerkt wordt door de organisatie;
- Inventaris van alle leveranciers van cryptografische componenten.
Tijdens onderzoek wat heeft plaatsgevonden binnen de publieke sector, is geconstateerd dat de desbetreffende organisatie (nog) niet over bovengenoemde inzichten beschikt, waardoor de organisatie stagneert bij stap twee van de elf voor het behalen van cryptografische volwassenheid. Het einddoel van de roadmap (stap elf) is het behalen van cryptografische volwassenheid, waarmee een organisatie op Q-day weerbaar is tegen cyberaanvallen waar een quantum computer voor gebruikt wordt.