"Nog weinig bedrijven hebben een digitaliseringsstrategie"
Jacques van den Broek, oud CEO en voorzitter Raad van Bestuur bij Randstad en lid Raad van Advies NOREA, over Digitaliseringsstrategie.

Digitaliseringsstrategie is per definitie een innovatiestrategie. Hierbij geldt vrijwel altijd dat de kern van de business niet wezenlijk verandert, maar dat er groei- en ontwikkelkansen zijn door het gebruik van nieuwe technologie en data.

En nu denken we misschien dat ieder bedrijf in Nederland inmiddels wel een digitaliseringsstrategie heeft ontwikkeld. Maar dat is niet zo. Meer dan 99% van alle bedrijven in Nederland behoort tot het MKB. Dus is het MKB cruciaal voor het innovatie- en groeivermogen van ons land. Echter slechts een kleine groep van zo’n 10% hiervan zit op deze route. De trend is dan ook helaas onmiskenbaar: de productiviteit van het MKB neemt al jaren af. Dus het is zaak dat het peloton aansluit bij de kopgroep, zonder de kopgroep te vertragen.
Businessproces
Voor het ontwikkelen van een effectieve digitaliseringstrategie is het belangrijk dat je het hele businessproces haarscherp in beeld hebt. Wat doen wij nou eigenlijk allemaal? Wat bepaalt ons succes? Ook krijg je verzoeken van klanten waarvoor nog geen goede oplossingen zijn. Op deze manier kom je tot inzichten hoe het primaire proces met technologie en data versterkt en verrijkt kan worden. Bijvoorbeeld, hoe je nog persoonlijker kunt inspelen op specifieke wensen en behoeften van klanten en stakeholders?

Verder zie je vrijwel altijd startups om je heen opkomen die van zo’n processtap hun primaire business maken en hun ‘producten en diensten’ ook aan jouw klanten willen verkopen. Ken deze bedrijven. Ga er mee aan slag. Leer van ze. Stimuleer managers te experimenteren in hun vak. Natuurlijk moet je dit allemaal heel goed monitoren op dubbelingen, toepasbaarheid en opschaalmogelijkheden, maar probeer zo met alle goede ideeën het kernproces te innoveren. En: het zorgt altijd voor een positieve vibe in je organisatie.
Duidelijkheid
Natuurlijk vraagt dit alles om tijd en geld en zorgt het voor risico’s. Dus is het belangrijk dat investeerders en stakeholders een volledig en realistisch beeld hebben wat je aan het doen bent. Want er had op korte termijn meer winst kunnen zijn. En er is altijd sprake van een trade-off tussen acceptatie en voorkoming van risico’s. Tussen veiligheid en bewegingsruimte. De ervaring leert dat transparantie op dit punt helpt met het bouwen van een goede reputatie bij stakeholders en toezichthouders.

Ook aan je eigen mensen duidelijk maken wat de strategie is en wat dit voor iedereen persoonlijk betekent, is essentieel. Doe je dit niet, dan groeit de interne onzekerheid en weerstand. Maar als ze zien hoe het werkt, dan worden ze enthousiaste meedenkers en sneller productief.
Hands-on topbestuur
Nog iets heel belangrijks: het hele proces moet hands-on geleid worden door de topbestuurder zelf. Je kunt dit niet delegeren. En externe consultants kunnen je misschien helpen door bepaalde data of marktinformatie te verschaffen, maar niet meer dan dat. Het gaat er om dat het jouw verhaal is. Bovendien moet je zelf heel goed snappen hoe alles zit en waarom. Niet alleen op de trendy onderdelen, maar ook op de saaie uitdagingen aan de achterdeur van de organisatie. Bijvoorbeeld: de problematiek rondom delen van de lokale organisatie die nog leunen op verouderde IT-systemen en software. Want juist hier is de organisatie het meest kwetsbaar.  
IT-auditor
Als ik in dit kader met een topbestuurder in gesprek ben, stel ik eigenlijk altijd de vraag: hoe heet jouw IT-auditor en praat je daar zelf regelmatig mee? Dat is belangrijk omdat je reputatie binnen 3 weken verspeeld kan zijn. Dus weet je van haar of hem wat de specifieke risico’s voor jouw organisatie zijn? Zijn jullie het er samen over eens wat er speelt en wat er moet gebeuren. En ik zeg bewust samen, want in de praktijk zitten er vaak allemaal filters en kleilagen tussen.

Van de andere kant mag je ook verwachten dat de IT-auditors zich spontaan en met bepaalde prominentie aandienen bij de top. Ze moeten ook de taal van de board spreken en vervelende boodschappen goed kunnen overbrengen.